Groninger gemeenten willen betere regelgeving houtrook

Groninger gemeenten willen betere regelgeving houtrook
20 maart 2018 Vincent Van der Heiden

Bron: GGD Groningen: De huidige wet- en regelgeving biedt gemeenten geen goede basis om maatregelen te nemen tegen overlast door houtrook. Dat vindt het bestuur van de GGD Groningen namens de 23 Groninger gemeenten. Veel mensen ondervinden overlast, maar de gemeente kan nu niet ingrijpen. Uit onderzoek blijkt dat rook van houtkachels schadelijk kan zijn voor de gezondheid. De 23 Groninger gemeenten willen nader onderzoek om methoden te ontwikkelen om overlast door rook beter te beoordelen. Zij zullen de rijksoverheid vragen om steviger wet- een regelgeving zodat rookoverlast aangepakt kan worden.

De drie noordelijke GGD’en hebben, in samenwerking met de Universiteit van Utrecht, onderzoek gedaan bij tien gezinnen met ernstige klachten over houtrook van hun buren. Uit de metingen blijkt dat rook van houtkachels schadelijk kan zijn voor de gezondheid omdat bij acht van de tien gezinnen de hoeveelheid fijn stof periodiek groter was dan de advies-waarde van de World Health Organization. Uit het onderzoek komt tevens naar voren dat regelgeving tekort schiet om het probleem aan te pakken.

Emotie
Houtstook en houtrook gaan gepaard met veel emoties, zowel positieve als negatieve. Voor het GGD-onderzoek hebben zich opvallend veel mensen aangemeld met schrijnende verhalen over de overlast. Reacties kwamen zelfs van buiten het onderzoeksgebied Groningen, Friesland en Drenthe. De problematiek beperkt zich niet tot Noord-Nederland. Overlast van houtrook bestaat uit stankhinder met of zonder gezondheidsklachten zoals irritatie van ogen, neus, keel en luchtpijp met hoesten en benauwdheid. Het aantal locaties met overlast zal toenemen als meer mensen hout gaan stoken. Het is de verantwoordelijkheid van de stoker dat houtrook geen overlast veroorzaakt.

Overlast
Het onderzoek van de GGD-en was gericht op gewone houtkachels van huishoudens. Grotere stookinstallaties zijn niet onderzocht. Daarvoor bestaan wel wettelijke eisen. De metingen zijn uitgevoerd van maart tot in juni. De overlast bestaat ook buiten het stookseizoen. Het onderzoek is opgezet om na te gaan of eenvoudige meetapparaten bruikbaar zijn voor het maken van een onderscheid tussen acceptabele en niet-acceptabele situaties. Bij drie van de tien gezinnen was er een significant verband tussen overlast en de hoeveelheid fijn stof (PM2,5). PM2,5 bestaat uit zwevende stofdeeltjes kleiner dan 2,5 micrometer.

Vervolg
Op basis van het onderzoek kan een meetsysteem ontwikkeld worden, dat landelijk de gemeenten in staat stelt te beoordelen of de situatie wel of niet acceptabel is. Voor het vaststellen van een overschrijding van de gezondheidsnorm dient de apparatuur specifiek geijkt te worden. Ook is nog onderzoek nodig voor het ontwikkelen van een methode om vast te stellen uit welke schoorsteen het gemeten fijn stof afkomstig is. Daarbij is tevens een duidelijker wettelijk kader nodig om te kunnen handhaven als dit nodig blijkt.

Meer informatie
Het onderzoeksrapport is te vinden op de website van GGD Groningen.