Reactie Staatssecretaris Sharon Dijksma op rapport GGD (januari 2016)

Reactie Staatssecretaris Sharon Dijksma op rapport GGD (januari 2016)
25 mei 2018 Vincent Van der Heiden

De staatssecretaris Sharon Dijksma geeft een uitgebreide reactie op het rapport ‘Overlast door houtrook’ van de GGD Noord Nederland op verzoek van de vaste commissie voor Infrastructuur en Milieu.

De reactie eindigt met de volgende paragraaf:
Het schoner en gezonder maken van de lucht blijft een belangrijke doelstelling van mijn beleid. Na alle winst die reeds is bereikt door Europese emissie-eisen en de uitvoering van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) is houtstook door particulieren een van de resterende bronnen van luchtverontreiniging. Via het Platform Houtstook en het programma Slimme en Gezonde Stad wordt ervaring opgedaan om de problematiek van zowel de overlast als de gezondheidsschade aan te pakken. In dat kader wordt ook bekeken of en op welke wijze verbeterde meetapparatuur een bijdrage kan leveren.

Lees het hele rapport hieronder. Bron: Tweede kamerstukken.

 

Geachte voorzitter,

 

Op verzoek van de vaste commissie voor Infrastructuur en Milieu stuur ik u hierbij mijn reactie op het rapport “Overlast door houtrook; onderzoek naar het meten van fijn stof als hulpmiddel bij het beoordelen van klachten over houtstook” opgesteld door de GGD Groningen in samenwerking met GGD Drenthe en GGD Fryslân. De commissie heeft mij gevraagd of ik de conclusies van het rapport over houtrook onderschrijf, of ik nut en noodzaak onderschrijf van nader onderzoek naar methoden om de overlast door houtrook beter te beoordelen, en welke mogelijkheden er zijn om binnen de wet- en regelgeving rookoverlast beter te kunnen aanpakken.

 

GGD-rapport: beoordelingsmethode van overlast door houtrook

Het GGD-rapport bevat een literatuuroverzicht van gezondheidseffecten door houtstook en een onderzoek naar de bruikbaarheid van een fijnstofmeetapparaat (PM2,5) om klachten over houtrookoverlast inzichtelijk te maken.

 

Het literatuuroverzicht gaat in op de mogelijk schadelijke effecten van het stoken van hout op de gezondheid. Houtrook bevat veel verschillende stoffen die schadelijk voor de gezondheid kunnen zijn. Deze kunnen zowel op korte termijn (ontstekingsreacties) als op lange termijn (toename van de kans op astma, COPD, longkanker, hart- en vaatziekten) gezondheidseffecten teweeg brengen. Daarnaast kan geurhinder leiden tot stress en daarmee ook schadelijk zijn voor de gezondheid.

 

Bij het onderzoek werd de bruikbaarheid getest van fijnstofmeetapparatuur om klachten over houtrookoverlast te kunnen beoordelen aan de hand van de ter plekke gemeten fijnstofniveaus. Gedurende een week werden in tien woningen metingen verricht. In het onderzoek werd geen relatie gevonden tussen de overlastklachten en de hoogte van de gemeten fijnstofniveaus. Verder meldt het GGD-rapport dat de gemeten fijnstofniveaus bij acht van de tien onderzochte woningen regelmatig de dag-advieswaarde van de WHO overschreden. De onderzoekers geven hierbij aan dat de door het gebruikte apparaat gemeten waarden wat hoger kunnen liggen dan de werkelijke concentraties. Zij concluderen dat in de gekozen opzet de onderzochte meetapparatuur niet zonder meer bruikbaar is om te bepalen of een situatie waarover klachten bestaan wel of niet acceptabel is.

 

Het literatuuroverzicht bevestigt de bestaande inzichten over de mogelijke schadelijke effecten van houtstook op de gezondheid. Ik onderschrijf dan ook de conclusies van het rapport over dit verband en beschouw dit als ondersteuning van het door mij ingezette beleid.

 

Het onderzoek van de meetapparatuur was uitsluitend gericht op overlast en niet op gezondheidsklachten. De onderzoekers toetsen gemeten waarden echter wel aan de WHO-advieswaarde. Op mijn verzoek heeft het RIVM het onderzoeksrapport bekeken. Het RIVM geeft aan dat voor het toetsen aan de WHO-advieswaarde de gebruikte low-cost sensoren vrijwel zeker niet aan de gangbare onzekerheidscriteria voldoen. Ik deel dan ook de mening van het RIVM dat de meetresultaten met de nodige voorzichtigheid bekeken moeten worden, en dat een toetsing ten opzichte van de WHO-advieswaarde feitelijk niet opportuun is. Verder wijst het RIVM erop dat deze toestellen eigenlijk bedoeld zijn voor metingen van de binnenlucht, en dat deeltjes onder een bepaalde grootte niet meer waargenomen worden.

 

Aanpak van overlast door houtrook

De uitstoot van schadelijke stoffen kan sterk verschillen tussen soort kachel of open haard, de wijze van stoken en de gebruikte brandstoffen. De mate waarin gezondheidseffecten zich voordoen, hangt onder andere af van de samenstelling van de rook en de mate, frequentie en duur van de blootstelling. Hierdoor kunnen plaatselijk grote verschillen bestaan waardoor een lokale aanpak het meest voor de hand ligt. Gemeenten kunnen gebruik maken van een aantal bevoegdheden binnen de bestaande wet- en regelgeving. Het Bouwbesluit stelt eisen aan rookkanalen en bevat een verbod op het verspreiden van hinderlijke of schadelijke rook, roet en stank. Via een algemene plaatselijke verordening kan de gemeente ertoe besluiten het stoken van hout te reguleren. Daarnaast kan ook buurtbemiddeling tussen de stoker en de gehinderde bijdragen aan een oplossing voor de ervaren rookoverlast.

 

Dat neemt niet weg dat ik ook een belangrijke rol voor het Rijk zie. Voor de kortere termijn zijn al enkele acties ingezet. In opdracht van het ministerie is inmiddels een toolkit “Houtstook door particulieren, hoe voorkom je overlast” ontwikkeld. Deze bevat niet alleen stookadviezen maar ook stappenplannen voor de stoker, de gehinderde burger, de gemeente en de GGD hoe om te gaan met een situatie van rookoverlast. De overlast door houtrook kan namelijk worden beperkt door het gebruik van de juiste brandstoffen, het toepassen van de juiste, op volledige verbranding gerichte, stooktechniek en door rekening te houden met ongunstige weersomstandigheden.

 

Het ministerie van Infrastructuur en Milieu heeft het initiatief genomen om te komen tot de oprichting van het Platform Houtstook. Het RIVM coördineert dit Platform. De opdracht aan het Platform is het vergroten en verspreiden van kennis over hoe de overlast en mogelijke gezondheidsschade van het stoken van hout door particulieren kan worden verminderd en voorkomen. In het Platform worden verschillende partijen afkomstig uit het veld van onderzoek, maatschappelijke organisaties, ondernemers en overheid vertegenwoordigd, waarmee een breed gedragen aanpak van de houtrookoverlast nagestreefd wordt. Het Platform zal dan ook worden betrokken bij de uitvoering van de motie Cegerek c.s., waarin de regering wordt verzocht de problemen en mogelijke oplossingen voor de gezondheidsklachten als gevolg van houtstook in kaart te brengen.

 

De aanpak van houtrookoverlast is een aandachtspunt binnen het programma Slimme en Gezonde Stad. Als pilot wordt voor de gemeente Nijmegen een houtstook-app ontwikkeld die stokers informeert in hoeverre onder actuele weersomstandigheden het stoken van hout in hun omgeving tot overlast kan leiden. Ook zal onderzoek worden gedaan naar de bruikbaarheid van overlastreducerende technieken.

 

Daarnaast neemt het ministerie het initiatief om samen met partijen in het Platform Houtstook te komen tot een (digitale) folder: een filmpje waarmee de belangrijkste feiten over de gezondheidsrisico’s van houtstook uiteen worden gezet en ook tips worden gegeven om de overlast van houtstook zoveel mogelijk te beperken. Verder zal samen met de partners bezien worden welke mogelijkheden er zijn om kopers van kachels en haarden te adviseren over de aanschaf van schone kachels en over de juiste manieren van stoken. Met de houtkachelbranche zal het ministerie van Infrastructuur en Milieu bovendien de mogelijkheid verkennen om tot een Green Deal te komen.

 

Ten slotte zal in 2022 de Europese Eco-design-richtlijn van kracht worden, waarin de producteisen voor houtkachels aanzienlijk zullen worden aangescherpt. Hierin is een typekeuring voor houtkachels geregeld die in overeenstemming is met de thans in Duitsland geldende strengere normen.

 

Het schoner en gezonder maken van de lucht blijft een belangrijke doelstelling van mijn beleid. Na alle winst die reeds is bereikt door Europese emissie-eisen en de uitvoering van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) is houtstook door particulieren een van de resterende bronnen van luchtverontreiniging. Via het Platform Houtstook en het programma Slimme en Gezonde Stad wordt ervaring opgedaan om de problematiek van zowel de overlast als de gezondheidsschade aan te pakken. In dat kader wordt ook bekeken of en op welke wijze verbeterde meetapparatuur een bijdrage kan leveren.

Hoogachtend,

DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU,
Sharon A.M. Dijksma